Osgood-Schlatter
Heeft je kind pijn onder de knieschijf tijdens sporten, rennen of springen? Of is er een pijnlijke verdikking ontstaan aan de voorkant van het scheenbeen, net onder de knie? Dit kunnen kenmerken zijn van Osgood-Schlatter.
Osgood-Schlatter komt vooral voor bij kinderen en jongeren die nog in de groei zijn. De klachten kunnen het sporten behoorlijk beperken, maar verdwijnen bij de meeste jongeren uiteindelijk weer.
Op deze pagina lees je wat Osgood-Schlatter is, hoe de klachten ontstaan en wat je kunt doen om het herstel te ondersteunen.
Wat is Osgood-Schlatter?
Osgood-Schlatter is een groeigerelateerde aandoening waarbij pijn ontstaat ter hoogte van de aanhechting van de knieschijfpees op het scheenbeen.
De knieschijfpees verbindt de knieschijf met het scheenbeen en zorgt ervoor dat de kracht van de bovenbeenspieren wordt overgebracht op het onderbeen.
Bij kinderen en jongeren is de aanhechting van deze pees nog in ontwikkeling. Door herhaalde belasting, bijvoorbeeld tijdens rennen en springen, kan irritatie ontstaan in het groeigebied van het bot.
Dit veroorzaakt pijn en gevoeligheid aan de voorkant van de knie. Soms ontstaat er op deze plek een duidelijk zichtbare of voelbare botverdikking.
Welke klachten passen bij Osgood-Schlatter?
De klachten ontstaan meestal geleidelijk en nemen vaak toe tijdens of na het sporten.
Veelvoorkomende symptomen zijn:
Pijn net onder de knieschijf, aan de voorkant van het scheenbeen.
Gevoeligheid bij drukken op de aanhechting van de knieschijfpees.
Een zichtbare of voelbare verdikking onder de knie.
Pijn tijdens rennen, springen, sprinten en traplopen.
Klachten bij hurken of op de knieën zitten.
Toename van pijn na intensieve sportactiviteiten.
De klachten kunnen in één knie voorkomen, maar ook beide knieën kunnen aangedaan zijn.
Hoe ontstaat Osgood-Schlatter?
Osgood-Schlatter ontstaat door een combinatie van groei en herhaalde belasting van de aanhechting van de knieschijfpees.
Tijdens een groeispurt veranderen de lengte van de botten en de belastbaarheid van het omliggende weefsel. Vooral bij sporten waarbij veel wordt gerend, gesprongen en afgeremd, kan het groeigebied onder de knie overbelast raken.
De klachten komen daarom regelmatig voor bij jonge voetballers, basketballers, volleyballers en andere sportende kinderen.
De hoeveelheid en intensiteit van de sportbelasting spelen een belangrijke rol bij het ontstaan en aanhouden van de klachten.
Moet je stoppen met sporten bij Osgood-Schlatter?
Volledig stoppen met sporten is niet altijd nodig.
Bij milde klachten kan je kind vaak blijven bewegen en sporten, zolang de pijn acceptabel blijft en de klachten niet duidelijk verergeren.
Wanneer sporten veel pijn veroorzaakt, je kind mank gaat lopen of de klachten langdurig aanhouden na een training, is het verstandig om de sportbelasting tijdelijk te verminderen.
Dit kan bijvoorbeeld door minder te sprinten en springen, trainingen aan te passen of tijdelijk een andere vorm van bewegen te kiezen.
Het doel is om actief te blijven binnen de mogelijkheden van de knie, zonder het pijnlijke groeigebied steeds opnieuw zwaar te belasten.
Hoe verloopt de behandeling?
De behandeling bestaat voornamelijk uit het aanpassen van de belasting en het geleidelijk verbeteren van de belastbaarheid van de knie.
Gerichte oefeningen voor de bovenbeen- en heupspieren kunnen helpen om de knie sterker te maken en de belasting tijdens dagelijkse activiteiten en sport beter op te vangen.
Daarnaast kan aandacht worden besteed aan de beweeglijkheid van de spieren rondom de knie en aan het geleidelijk opbouwen van sportactiviteiten.
Hoeveel belasting mogelijk is, hangt af van de klachten en verschilt per kind.
Hoe lang duurt het herstel van Osgood-Schlatter?
Osgood-Schlatter kan een langdurig en wisselend verloop hebben.
Bij sommige kinderen verminderen de klachten binnen enkele maanden. Bij anderen blijven de klachten gedurende een langere periode aanwezig, soms tot het einde van de groeifase.
De meeste jongeren herstellen uiteindelijk goed. De eventuele botverdikking onder de knie kan wel zichtbaar blijven, ook wanneer de pijn volledig verdwenen is.
Een geleidelijke opbouw van sportactiviteiten is belangrijk om te voorkomen dat de klachten telkens opnieuw toenemen.
Bij plotselinge, hevige pijn tijdens het sporten, onvermogen om op het been te staan of een knie die sterk gezwollen is, moet een andere blessure worden uitgesloten.